Naar de inhoud
 
 
Home
Oud Krispijn geeft je de ruimte
Oud Krispijn Buurt & Leefbaarheid Verhalen van Dordrecht

Verhalen van Dordrecht

Verhalen van Dordrecht heeft een website en daar vindt u de verhalen over Krispijn en andere wijken.

U kunt daar alle verhalen lezen. Hebt ú een persoonlijk verhaal of gedicht over Krispijn, de binnenstad, Reeland, de Staart, Wielwijk, Crabbehof of Zuidhoven? Stuur het op.


Naar Verhalen van DordrechtAarzel niet en stuur uw verhaal naar redactie@verhalenvandordrecht.nl of per post naar Centrum Beeldende Kunst, t.a.v. redactie Verhalen van Dordrecht, Voorstraat 180, 3311 ES Dordrecht, onder vermelding van naam en telefoonnummer.
U kunt uw verhaal ook afgeven in het Wijkinformatiecentrum, Brouwersdijk 211, t.a.v. Peter van der Linden.

De website van Verhalen van Dordrecht is in 1999 gestart, in het kader van -b-l-i-k-o-p-e-n-e-r-, een kunstproject van Wapke Feenstra. De opdrachtgever van -b-l-i-k-o-p-e-n-e-r- en van Verhalen van Dordrecht is het Centrum Beeldende Kunst in Dordrecht.

Bijvoorbeeld

Lees eens de verhalen over Krispijn en de andere wijken. Hieronder een voorbeeld van Esther de Gids. Zij schrijft over het buitenleven in Oud Krispijn.

Buitenleven 
  
Het was zo boeiend. 's Zondags zag je er muzikanten en zangers. Daar moest ik dus naar toe, ook al mocht dat niet van mijn moeder. De muziektempel op het Jozef Israelsplein trok me aan als een magneet. Dat heb ik geweten, want onder mijn kin heb ik nog een litteken van de hechtingen, na een valpartij daar.

Ik had overigens echt een leuke jeugd in Oud Krispijn in de jaren zestig. De eerste jaren woonde ik aan de kant van de Brouwersdijk waar de muziektempel stond. Ik kan me eigenlijk niet eens meer herinneren wanneer die is afgebroken. Nu wordt daar gebouwd aan Koloriet, een nieuw multifunctioneel gebouw voor de wijk. Veel van dat oude Oud Krispijn verdwijnt. In die tijd was de buurman nog gewoon je 'oom' en de buurvrouw je 'tante'. Niemand had geld, maar als iemand eens echt niets meer had, was het van: 'Niet ouwehoeren, je kunt hier eten.'

Midden in de buurt stond die muziektempel en dat is altijd een heel bijzondere plek voor me geweest. Ik kon er heerlijk wegdromen. Dan droomde ik dat ik de koningin was en daar thee zat te drinken. Of dat ik een prinses was tussen andere sprookjesfiguren.

Iets verderop stond de Da Costaschool. Tegenwoordig zit daar de Mauveschool, maar dat oude gebouw was natuurlijk veel mooier, met prachtige grote bomen eromheen. Als je lief was mocht je koffie of thee halen voor de juf en de meester. Maar als je stout was, moest je in de gang op de strafbank gaan zitten. Daar zag ik mijn broer nog eens uit het raam klimmen. Die had straf, maar ging dan liever buiten spelen.

Op straat kwam je altijd mensen tegen. Overal op straat, want iedereen leefde buiten. Dat was geweldig, ook al was het wel eens hommeles. We verhuisden in de jaren zeventig naar de Tollensstraat. Ik woonde bij de poort van Staring. Ik herinner me dat de buurman vaak op zijn accordeon zat te spelen bij de poort. Boven ons woonde een diskjockey van Veronica. Die draaide vaak plaatjes en op het binnenterrein werd er dan gedanst.

De moeders deden in die tijd gewoon mee met alle spelletjes; samen met alle kinderen en de jeugd spoorzoekertje doen of touwtjespringen. Ouders zetten vaak zomaar de straat af zodat de kinderen lekker op straat konden spelen. Dan was het samen pannenkoeken bakken en de badjes stonden midden op straat. En uit bijna iedere voordeur hing een touwtje; je kon dus zo binnenlopen. Als er wel eens ruzie was, dan duurde dat nooit lang. Je schold elkaar uit en vijf minuten later zat je weer bij elkaar een bakkie te doen. Voor ons was dat buitenleven en die omgang met elkaar zo gewoon. Als we wel eens in andere wijken kwamen, bij schoolvriendinnetjes, wisten we niet wat we meemaakten. Iedereen zat er binnen of achter in de tuin. Als ik al die mensen binnen zag zitten, dacht ik: goh, wat is hier mis?

Ik heb nu hier bij mijn huisje op het Nicolaas Beetsplein ook een leuke tuin, maar daar zit ik nooit langer dan een uur, dan word ik gek. Al die vriendinnetjes van vroeger vonden het ook zo leuk bij ons dat ze allemaal hier wilden komen wonen. Die huizen en die poorten zijn rond 1985 gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw. Dat maakte de buurt niet gezelliger. De warmte was toen weg.
Die warmte, die openheid was er voor iedereen. Ik weet nog goed dat de eerste Turken hier kwamen wonen. Heel lieve mensen, die vaak langskwamen met fruit en eten. Ik was heel jong moeder en was daar erg blij om. We houden nog steeds contact na al die jaren. Kunnen we samen ook lekker over vroeger praten.

Wat niet zonder slag of stoot ging was mijn Surinaams vriendje. Veel mensen in de buurt spraken er schande van. Maar voor mij was iedereen gelijk, zo heeft mijn moeder ons grootgebracht. Ik heb wel even voor hem moeten vechten, maar hij stapte altijd op iedereen af voor een praatje en al snel werd hij ook opgenomen in de buurt. Da's ook wel Krispijn, hè. De mensen hebben er snel een oordeel, maar als je de kans die je krijgt grijpt, komt dat allemaal weer goed.

Esther de Gids